5 redenen waarom bellen de meest asociale manier van communiceren is

535527653_c3850d71fd_zEen poosje geleden schreef ik hier een blog met de titel: “#SocialMedia maken ons asociaal? Wat een onzin!” Een veel gelezen en gedeeld blog, waar ik onder andere deze stelling deponeerde: “Bellen, dát is pas asociaal!”

Er komt, gelukkig, de laatste tijd meer en meer aandacht voor de We Quit Mail-beweging, met @KimSpinder als initiatiefneemster en boegbeeld. We kennen inmiddels allemaal een veel te volle mailbox en zoeken naar manieren hoe we daar vanaf kunnen komen. Kim deed dat redelijk rigoreus, ik ben persoonlijk te gehecht aan mijn e-mailadres(sen!) om daar afstand van te kunnen/willen doen. Ieder zijn ding.

Eén van de alternatieven voor volle mailboxen die ik steeds vaker genoemd hoor worden, is om elkaar te bellen in plaats van te mailen. Ik ben er niet zo zeker van dat dat een goede oplossing is. Natuurlijk bel ik ook nog weleens, maar het gebeurt heel zelden dat ik blij word van de ringtone van mijn telefoon omdat iemand met mij wil praten. Als mijn vrouw, mijn ouders of een goede vriend bellen dan schuif ik met liefde alles dat ik aan het doen was opzij. Maak je echter geen deel uit van die inner circle? Dan doe je me meer plezier met een appje of een e-mail. Voor mij is dat prettiger, omdat ik nog even kan afmaken waar ik mee bezig ben en voor jou is dat prettiger omdat ik dan even helemaal tijd kan maken voor het onderwerp waar je mijn aandacht voor vraagt. Een regelrechte win-winsituatie dus!

Lijstjes doen het altijd goed, helemaal in Sinterklaastijd. Laat ik eens 5 redenen op een rijtje zetten waarmee ik de titel van dit blog beargumenteer:

5 redenen waarom bellen asociaal is:

  1. Je bent iets anders aan het doen als je gebeld wordt
    Als je hebt afgesproken dat je op een telefoontje zit te wachten gaat dit natuurlijk niet op. Maar in alle andere gevallen ben je iets anders aan het doen dan aan het bellen. Als je wel aan het bellen bent, dan ben je in gesprek. En zelfs dan: of een dubbelgesprek wat tegenwoordig technisch prima mogelijk is nou zo sociaal is valt te betwijfelen. Immers, alleen jij hoort beide gesprekspartners. De ander krijgt maar de helft van je aandacht. Ik vraag me nu opeens af waarom het nog niet mogelijk is om gewoon met meerderen ‘in te bellen’ op een bestaand telefoongesprek. Een chatbox, maar dan niet via aparte (dure) telefoonnummers; gewoon iemand toelaten in je gesprek bedoel ik. Maar ik dwaal af, punt 2:
  2. Je moet opnemen
    We gaan anders om met de ringtone van een telefoongesprek dan met het notificatiesignaal van WhatsApp. In de kantine hoor je ze wel, die notificatiesignaaltjes. In tegenstelling tot wat velen beweren, zie ik om mij niet heen dat iedereen vervolgens als een slaaf van zijn of haar telefoon meteen in de app duikt om te lezen en te reageren.
    Hoe anders is dat met een telefoontje? Kennelijk is het onbeleefd om iemand de voicemail in te laten spreken, dus proberen we de telefoon zo snel als mogelijk op te nemen. Of je nu wel of niet in gesprek was. Als beller breek je dus in in het gesprek, met onbedoeld en onbewust daarmee de boodschap: “Ik ben belangrijker, dus ik verdien meer aandacht dan de ander.”
  3. Iedereen moet mee’genieten’
    Tekstberichten verzenden en ontvangen gebeurt in relatieve stilte (tenzij je een rete-irritant notificatiesignaal hebt). Bellen niet bepaald. Op social media zie ik regelmatig klachten voorbij komen over asociaal belgedrag in stiltecoupés van treinen. Zoiets als dit filmpje zeg maar:

  4. Bellen is niet transparant
    Appen en mailen is digitaal zwart-op-wit. De meesten van ons hebben geen meeluisterapp meedraaien op de telefoon (tenzij je een jaloerse partner hebt en/of je jezelf misschien schuldig maakt aan criminele activiteiten). Iemand die tijdens een telefoongesprek iets beweert waar je vervolgens in een ander gesprek aan refereert, kan later altijd nog beweren dat hij/zij dat nooit zo heeft gezegd of zelfs helemaal niet heeft gezegd. Daar sta je dan. Had je dat bewuste gesprek maar via een app of via e-mail gevoerd!
  5. Jongeren bellen niet meer
    Jongeren snappen het: Communiceren kan beter, efficiënter, fijner, sneller op andere manieren dan bellen. Jongeren gebruiken een schare aan apps, met elke app voor een specifieke doelgroep (op SnapChat vind je andere contacten dan op Facebook Messenger, op Instagram voor een deel weer andere contacten dan op WhatsApp). Jongeren gebruiken e-mail nog wel, maar anders dan wij. E-mail heb je nodig om je account bij één van de in gebruik zijnde social media te bevestigen. Met een e-mailadres bevestig je dat jij jij bent. En als je dan toch moet communiceren met zo’n bejaarde die nog uit de tijd komt dat er geen internet was, dan zou je eventueel e-mail kunnen gebruiken. Bellen? Nee joh, dat is veel te confronterend en direct. En je ziet elkaar niet, in tegenstelling tot bij videobellen met SnapChat, FaceTime, Skype of Hangouts. Lastig en irritant.

Laten we wel wezen, wie belt er nou nog? (sorry voor de reclame, filmpje is te leuk om er niet mee af te sluiten)

#SocialMedia maken ons asociaal? Wat een onzin!

Eens in de zoveel tijd staat mijn tijdlijn er weer bomvol mee: Artikelen, filmpjes, quotes of onderzoeken die beweren dat al die social media ons reuze asociaal maken. Meest recent is dit filmpje van Gary Turk (in 9 dagen meer dan 3 miljoen views). Het filmpje is een ode aan het elkaar weer in de ogen kijken, in plaats van naar onze smartphones:

Kennelijk verwoordt Gary de gedachte die veel van ons met hem delen. Die conclusie trek ik niet alleen uit het feit dat het filmpje viraal is gegaan, maar ook uit het feit dat wanneer het filmpje wordt gedeeld deze wordt vergezeld met teksten als:

En ik kan nog wel even doorgaan, maar check de opmerkingen zelf maar op Twitter.

Niets nieuws onder de zon

Toch is het best bijzonder dat een boodschap als deze wederom viraal gaat. Hetzelfde gebeurde met het filmpje I Forgot My iPhone, waarvan de teller inmiddels op ruim 41 miljoen views staat. Of The Innovation of Loneliness, met ruim 2 miljoen views (hier de versie met Nederlandse ondertiteling, vertaald door Arthur Kruisman). De boodschap dat social media ons asociaal zouden maken, of dat we eenzamer dan ooit zijn sinds we social media hebben, blijft kennelijk aanspreken. En ik vraag me werkelijk af waarom.

Eenzaam in een stampvol café

Ik moet als ik deze berichten voorbij zie komen vaak denken aan het nummer Stampvol Café van De Dijk (hier de songtekst). Het nummer gaat over het gevoel van eenzaamheid, in het bijzijn van feestvierende cafégangers. De oorzaak ligt niet in het feit dat Huub van der Lubbe zich in het stampvolle café bevindt. De oorzaak van de eenzaamheid ligt in het feit dat Huub liefdesverdriet heeft. Het verschil van zijn gevoelens met de gevoelens van de feestvierende cafégangers zorgt voor extra contrast, waardoor hij op de feiten wordt gedrukt dat hij niet zo lekker in zijn vel zit. Er is geen connectie met diegenen in zijn directe nabijheid, daarom voelt hij zich eenzaam.

Connectie

Social Media bieden ons juist de mogelijkheid om meer met elkaar in verbinding te staan. Social Media zijn een verlengstuk van onze fysieke vormen van interactie. Wanneer ik een foto van mijn spelende kinderen met mijn moeder deel via Hangouts, is ze er virtueel een beetje bij. Ook al is ze elders. Wanneer ik een halfuur moet wachten op een afspraak en ik leg een woordje op het virtuele spelbord van Wordfeud in het spelletje dat ik met mijn vrouw speel, zijn we virtueel even met elkaar verbonden. Wanneer ik op Twitter kijk of er ook anderen zijn die net als ik de film Gravity vonden tegenvallen, vind ik een volstrekt onbekende die dezelfde gevoelens deelt. Alsof ik aan de toog een biertje bestel en in een gesprek val waar ik een bevestigende opmerking over maak. En zo kan ik nog wel even doorgaan. Ik ben ervan overtuigd dat je zelf ook legio voorbeelden kent op welke manier social media ons sociale leven kunnen (!) verrijken.

aannamesAssumption is the mother of all fuckups

Waar het misgaat, is bij aannames. Immers: “Assumption is the mother of all fuckups”. Diegene die in de Albert Heijn op het telefoonschermpje kijkt is misschien helemaal niet aan het Facebooken, maar heeft zijn boodschappenlijstje op een digitaal kladblokje staan. Of hij overlegt via WhatsApp even welk merk macaroni het ook alweer moet zijn. Diegene die voor de kassa staat bij de groentenboer checkt misschien niet zijn Twittertijdlijn, maar laat net een positieve review achter bij zijn FourSquare incheck. Waar het ook volgens mij misgaat, is bij de aanname dat het vroeger heel anders was. Want is dat zo?

Sociale media maakt niet asociaal

Gelukkig ben ik geen roepende in de woestijn. Je moet er even naar zoeken, maar er zijn er meer die net als ik vinden dat het wat overdreven is om te stellen dat social media ons asociaal te maken. Neem bijvoorbeeld bedrijfspsychologe Karen de Visch die in maart van dit jaar nog een artikel schreef met de titel: “Sociale media maakt niet asociaal.” Zij besluit dat artikel met de woorden: “Het leven is geven en nemen.” In hoeverre accepteren we nog van elkaar dat we in het openbaar virtueel in contact staan met anderen? Zolang dat met respect gebeurt, wat naar mijn overtuiging vaker wel het geval is dan niet, hoort dat er tegenwoordig gewoon bij.

Bellen, dát is pas asociaal!

Maar de jeugd belt elkaar tegenwoordig niet eens meer,” ving ik laatst op. De uitspraak werd bedoeld als een bevestiging dat we door social media van elkaar vervreemden. Precies het tegenovergestelde is het geval. Immers, er is bijna geen asocialere manier van interactie dan elkaar bellen. Of je nu in gesprek bent, de kinderen in bed stopt, staat te koken, of gewoon even geen zin hebt om te praten: daar heeft de telefoon geen boodschap aan. Opnemen zul je, dat wordt van je verwacht. Probeer de telefoon maar eens te laten rinkelen in gezelschap. 10 tegen 1 dat de opmerking: “Moet je niet opnemen?” zal klinken. Die opmerking heb ik nog niet gehoord bij een pingeltje van WhatsApp, een Facebook ringtone of een fluitend vogeltje om een privébericht aan te kondigen. Het is volstrekt normaal dat ik die pas beantwoord als ik de zin afmaak waar ik mee bezig ben, of eerst nog even mijn kopje koffie opdrink. Generatie Y denkt daar exact hetzelfde over, die belt niet meer.

Met Huub aan tafel

Terug naar dat tafeltje in dat stampvolle café van De Dijk, waar Huub van der Lubbe zijn liefdesverdriet niet kan delen met de overige bezoekers. Die zit daar dus met zijn ziel onder zijn arm eenzaam en alleen te zijn. Wat zou het voor hem geweldig zijn geweest om virtueel verbinding te maken met een hele andere groep dan de geen gehoor gevende cafégangers. Als hij even zijn mobieltje had kunnen pakken om met vrienden, bekenden of misschien zelfs met relatief onbekende twittervolgers de quote: “Niets is zo eenzaam als een stampvol café” te kunnen delen. Grote kans dat er een interessant virtueel gesprek was ontstaan. Dan had Huub wel een connectie gehad. Aan de andere kant, dan was dat mooie nummer misschien wel nooit geschreven..